Koffie met een rietje. (deel 12)

Plaats hier je eigen verhalen.
Gesloten
Amexic
Berichten: 236
Lid geworden op: wo 10 jun 2015, 20:14
Vul het getal in: 123
Locatie: Antwerpen

Koffie met een rietje. (deel 12)

Bericht door Amexic » za 13 jun 2026, 06:32

Koffie met een rietje. (deel 12)

Vroeg in de ochtend hoorde Hannes gefluister: ‘Ben je al wakker?’ Het was zacht genoeg om je niet te wekken als je sliep, maar luid genoeg om te horen wanneer je wakker was. ‘Mag ik bij je in bed komen?’
Hannes vond het zalig om Marnix zo dicht tegen zich aan te voelen. Hij schoof een kussen opzij en strekte zijn arm uit zodat Marnix zich tegen hem kon nestelen. Hij voelde opnieuw een erectie opkomen, maar de opwinding was minder heftig dan gisteren.
‘Heb je weer zin?’ vroeg hij aan Marnix.
‘Sinds gisteren zal ik altijd zin in je hebben,’ antwoordde die. ‘Maar om die reden kom ik niet naast je liggen.’
‘Ik wil ook wel, maar het hoeft niet.’
‘Waar ben ik met jou aan begonnen? Ik had nooit gedacht dat jou in huis nemen hiertoe zou leiden.’
‘Heb je er spijt van?’
‘Helemaal niet. Ik dacht dat ik hier in Zwitserland relationeel op een dood spoor was beland.’
‘Hebben wij dan een relatie?’
‘Ik weet niet of het een naam moet hebben.’ Marnix streek met zijn vingers over de rand van het dekbed. ‘Maar wat er tussen ons gebeurt, voelt allesbehalve vrijblijvend.’
‘Dat is een ingewikkelde manier om ja te zeggen.’
‘Misschien. Ik weet alleen dat jij hier nog maar een paar weken bent en dat mijn leven er nu helemaal anders uitziet.’
Marnix zweeg even en ging toen verder. ‘Ik stond nooit op de eerste rij, en een paar jaar geleden was ik er nog niet klaar voor. Ik ging werken terwijl vrienden en collega’s hun leven opbouwden. Stilaan begon ik ook op een relatie te hopen, net als zij die hadden. Toen ik hierheen verhuisde, viel alles stil. Ik heb het naar mijn zin op het werk en ik heb goed contact met sommige buren, maar hier blijf ik een vreemde. Ik amuseer me hier wel, maar ik kom altijd alleen thuis, begrijp je? Je was welkom omdat ik voor je wilde zorgen en ook omwille van je gezelschap… Het ging ineens zo snel, zo intens...explosief is het beste woord dat ik ervoor heb.’
‘Met andere woorden: dit loopt compleet uit de hand.’
‘Ja. Maar ik vind dat niet erg.’
‘Ja, gisteren liep het ook een beetje uit de hand,’ zei Hannes. ‘Was het te veel ineens voor jou?’
‘Jij kwam handen tekort.’ Marnix kneep zacht in Hannes’ dij. ‘Nee, het is niet te veel voor mij. Het voelt normaal. Raar, want ik ken je pas. Jou in huis nemen leek me in het begin vooral een win-win situatie. Bovendien spreken we dezelfde taal. Ik meen het oprecht maar met complicaties heb ik geen rekening gehouden.’
‘Je nam me in huis omdat je eenzaam bent.’
‘Ik ben niet eenzaam, maar als ik thuiskom is er niemand die me verwelkomt of met wie ik de dag kan bespreken.’
‘Ik zag er tegenop om naar huis te gaan. Ik ben impulsief op je voorstel ingegaan, maar je was me al opgevallen vanaf de eerste keer dat ik je zag,’ antwoordde Hannes.
Marnix liet zijn hand rusten op Hannes’ heup en bleef hem aankijken in het gedempte ochtendlicht. Hun ademhaling ging traag, maar onderhuids broedde iets wat geen van beiden kon negeren.
‘We gaan echt braaf zijn vandaag,’ zei Hannes op fluistertoon.
‘Dat lijkt me verstandig.’
Marnix bleef met zijn vingers gedachtenloos kleine bewegingen over Hannes’ huid maken, terwijl Hannes hem bleef aankijken alsof hij ergens tussen twijfel en overgave vastzat.
‘Geen seks. Geen herhaling van gisteren,’ zette Hannes zijn voornemen kracht bij.
Maar zodra Marnix zijn mond teder tegen Hannes’ hals drukte, voelde die afspraak fragiel aan.
‘Mijn pyjama zit gedraaid.’ zei Hannes.
Marnix glimlachte zwak. ‘Blijf liggen. Ik help wel.’
Met beide armen in het gips kon Hannes nauwelijks iets zelf doen. Zelfs liggend schuiven tussen de lakens kostte moeite. Marnix ging overeind zitten en trok voorzichtig het laken weg. Daarna maakte hij het touwtje van Hannes’ pyjamabroek los. Die broek bolde op in het midden.
‘Zie je?’ zei Hannes. 'Hier begint het al mis te lopen. Ik bedoelde dat mijn shirt scheef zit.’
‘We kunnen nog stoppen.’
‘Dat kunnen we, als jij dat zou willen. Maar ik trek je goede voornemens in twijfel.’
Marnix schoof de pyjamabroek langs Hannes’ heupen naar beneden. Hannes hielp hem door zich op te tillen.
‘Dit is vernederend. De patiënt is weerloos.’ kloeg Hannes.
‘Fout,’ zei Marnix meteen. ‘De patiënt is mondig.’
Hij hielp ook zijn shirt uittrekken, waarna Hannes bloot op zijn rug lag in het helder wordende ochtendlicht. Een moment werd het stil.
Samen met beide pyjama's, werden ook alle platonische voornemens overboord gegooid. Hun lichamen verraadden hun verlangens.
Marnix liet zijn blik over Hannes glijden en zuchtte bijna onhoorbaar. ‘Wat hadden we besloten? We zijn hier echt slecht in.’
Hannes glimlachte. ‘In stoppen bedoel je?’
‘Juist.’
‘Ik word van dag tot dag beter,’ zei Hannes. ‘Al zal het beste moeten wachten tot ik uit het gips ben.’
Het ochtendlicht accentueerde elk detail van hun naakte lichamen. Een fijne lijn donker haar begon bij zijn navel en verdween lager. Een lichte spanning tekende zich af in zijn buikspieren zodra Marnix hem aanraakte.
Marnix keek naar de sporen die de zomer op Hannes had achtergelaten: de diepe kleur van zijn benen tegenover de lichtere huid die nooit zon zag. Hij bestudeerde de fijne littekens en subtiele kleurverschillen die alleen zichtbaar worden wanneer iemand zich zonder terughoudendheid laat bekijken. Hannes zag aan Marnix' blik hoe intens die openheid binnenkwam; er was geen noodzaak meer om zich te verbergen, het was een bewuste keuze.
Hannes lag met zijn armen boven zijn hoofd op het kussen, een houding waardoor zijn schouders breder leken en zijn ribben zichtbaar werden. Zijn lichaam was slank en pezig, gebouwd voor uithouding eerder dan voor kracht. Hij liet de lichte zones van zijn huid, waar de zomer normaal nooit kwam, even vanzelfsprekend bekijken als zijn gezicht of zijn handen.
Hij glimlachte niet. Hij keek gewoon terug en zag waar Marnix’ blik bleef hangen, hoe hij geen enkele moeite deed om zijn bewondering te verbergen. Hannes genoot daarvan.
Zijn benen bewogen automatisch iets verder uiteen...
Zijn rug kromde licht terwijl Marnix zijn buik streelde. Zelfs zijn tenen krulden soms tegen het verfrommelde laken aan het voeteneinde.
Marnix bleef zijn reacties volgen terwijl hij hem aanraakte.
Marnix boog zich lager en liet zijn mond over Hannes’ huid glijden, van zijn heup naar de binnenkant van zijn dij. Hij voelde hoe de spieren daar aanspanden.
Hannes inhaleerde diep. Hij trok zijn knieën op om Marnix nog meer toegang te geven.
Marnix liet zijn hand ondertussen traag over zijn buik naar beneden glijden. Vanaf zijn onderbuik leek elke aanraking een reactie uit te lokken.
Hannes was geprikkeld en gefascineerd door wat Marnix met zijn lichaam deed.
Marnix nam details op alsof hij ze later opnieuw wilde herinneren. Hij zag hoe Hannes' lichaam reageerde: de aders langs zijn heupen, de spanning van zijn buikspieren en de kleur die langzaam naar zijn borst en hals steeg. Hij keek op naar Hannes’ gezicht.
Hannes’ benen spanden tegen het laken. Hij drukte zijn hoofd achterover terwijl zijn mond half open bleef staan door de ademhaling die hij niet meer onder controle had. Genot golfde door hem heen.
Marnix bleef nog heel even liggen, tot zijn blik op de wekker viel.
‘We zijn het uur uit het oog verloren.’ stelde Marnix vast. ‘Ik moet nog boodschappen doen voor ik ga werken.’
Na een snelle, noodzakelijke wasbeurt propte Marnix de lakens in de wasmachine, reserve had hij niet meer, dus het ding moest meteen aan. Hij smeerde daarna een paar boterhammen en schoof ze Hannes toe. ‘Voor jou,’ zei hij gehaast, waarna hij richting de winkel snelde.
Voor zijn late dienst begon, ruimde Marnix het appartement in recordtempo op. De droogkast was nog warm toen hij de was eruit haalde en meteen begon te plooien. Een paar lakens, handdoeken, T-shirts: alles verdween strak gevouwen in de kast.
Marnix slaagde er zelfs op tijd in een warme maaltijd in elkaar te boksen.
Nadat hij haastig gegeten had, sprong hij op zijn fiets richting werk. Hannes nam rustig de tijd om zelf te eten.
Alleen de afwas bleef staan.
Twee glazen, een pan en twee borden met opgedroogde saus bewezen dat Marnix prioriteiten had moeten stellen.
Het bed stond wel weer fris opgemaakt, alsof er die middag niets bijzonders was gebeurd.

Gesloten