Koffie met een rietje. (deel 5)

Plaats hier je eigen verhalen.
Gesloten
Amexic
Berichten: 231
Lid geworden op: wo 10 jun 2015, 20:14
Vul het getal in: 123
Locatie: Antwerpen

Koffie met een rietje. (deel 5)

Bericht door Amexic » wo 10 jun 2026, 13:48

Koffie met een rietje. (deel 5)

De volgende ochtend nam Hannes opnieuw contact op met de verzekering. Hij liet weten dat hij afzag van repatriëring. Dat betekende ook dat hij later op eigen kracht naar België zou moeten terugkeren. Enkel beperkte zorg en ambulante opvolging wilden ze nog vergoeden.
Intussen kon hij met enkele vingers van zijn linkerhand voorzichtig zijn tablet bedienen. Moeizaam typte hij zijn antwoordmail.
Zijn ouders reageerden veel emotioneler dan hij had verwacht.
‘Wat bezielt je om bij een vreemde in te trekken?’ schreef zijn moeder. ‘En dan nog bij een verpleger van het ziekenhuis. Dat is niet normaal.’
Plots voelde zijn beslissing een stuk roekelozer.
Tot dan toe had alles vanzelfsprekend geleken. Nu drong pas echt tot hem door wat het plan was.
Hij kende Marnix nauwelijks.
Kon hij hem eigenlijk wel vertrouwen?
Voor hij daar een antwoord op had gevonden, werd hij naar de operatiezaal gereden.
Marnix wist achteraf niet goed waarom hij het zo impulsief had voorgesteld. Het idee had logisch gevoeld.
Pas toen hij ‘s avonds laat thuiskwam en probeerde te slapen, begon hij de praktische gevolgen te overzien. Hoe moest Hannes zich wassen? Wat at hij overdag als Marnix werkte? Kon hij eigenlijk alleen naar het toilet? Hoe geraakte hij uiteindelijk terug naar België? Het voorstel had logisch geklonken, maar plots bleek het vol vragen te zitten waarop hij nog geen antwoord had.
Hannes zag noch een verblijf bij zijn ouders, noch een revalidatiecentrum zitten. Alleen al wanneer het onderwerp ter sprake kwam, trok er iets gespannen over zijn gezicht.
Dus had Marnix het zomaar gezegd: ‘Je zou eventueel tijdelijk bij mij kunnen verblijven.’ Meteen daarna had hij zichzelf bijna teruggefloten.
Toch had Hannes niet gelachen en ook niet vreemd opgekeken.
Tussen Hannes en Jörgen lag de werkelijkheid iets ingewikkelder dan gewone vriendschap, dacht hij. Dat had Hannes niet expliciet verteld, maar sommige dingen hoefden niet uitgesproken te worden.
Wat Marnix vooral opviel, was hoe slecht Hannes hulp kon accepteren.
Dat gold voor velen op orthopedie. Het leek alsof de afhankelijkheid hem persoonlijk vernederde. Hij was gewend alles alleen op te lossen.
Hij vond Hannes sympathiek, maar hij leek tegelijk koppig en kwetsbaar. Hij probeerde voortdurend controle te bewaren, zelfs terwijl iemand anders hem moest voeden of helpen op het toilet.
Hannes moest zelf beslissen wat hij wilde. Pas daarna konden ze verder praten.
Na de middag reden ze Hannes met het ziekenhuisbed van de kamer naar het OK.
Ze spoten een verdovende vloeistof in zijn oksel zodat zijn volledige arm gevoelloos werd. Hij kon niet zien dat de arts aan zijn arm werkte. Aan de zoemende boorgeluiden kon hij afleiden dat de breuk gefixeerd werd. De ingreep duurde niet lang en tegen het avondeten was hij terug in zijn kamer.
De verpleegster informeerde hem over het gebruik van de pijnpomp. Hij had opnieuw een infuus.
‘Na een aantal uren zal je arm opnieuw gevoelig worden. Er zit pijnmedicatie in je infuus. De dosis pas ik straks aan. Je mag jezelf een extra bolus toedienen als je te veel pijn hebt. Je kan beperkt extra doseren.’
Toen Marnix aan zijn nachtdienst begon, raakte de verdoving stilaan uitgewerkt.
‘Dien jezelf gerust wat extra pijnstilling toe,’ raadde hij Hannes aan. ‘Mocht je straks nog niet slapen, kom ik je gezelschap houden.’
Hannes voelde het effect van de bolus vrijwel meteen. Niet alleen de pijn verdween, hij voelde zich zalig. Een tijdlang genoot hij van het gelukzalige gevoel en dutte af en toe in. Hij had niet gehoord dat Marnix in het donker zijn kamer was binnengekomen.
‘Slaap je?’ fluisterde hij.
Hannes opende zijn ogen.
‘Bijlange niet.’
‘Heb je nog pijn?’
‘Nauwelijks. Ik heb me nog nooit zo goed gevoeld. Wat een zalige medicatie.’
Demonstratief drukte Hannes op het boostknopje van de pomp.
‘Zie je wel?’ zei hij tevreden.
‘Dat bewijst alleen dat je de vorige dosis nog voldoende werkt.’ antwoordde Marnix.
‘Het is niet de bedoeling te duwen wanneer je pijnvrij bent. Je dient jezelf M+ toe.’
Het kon Hannes niet schelen wat M+ was. In ieder geval bleef Marnix bij hem op de kamer en hij had groot nieuws te vertellen.
‘Ik kom minstens een maand bij jou wonen.’
Gelukkig had hij die beslissing al vroeger op de dag genomen. Tegen de verzekering, zijn ouders en zichzelf had hij gezegd dat hij bij Marnix wilde verblijven. De pijnpomp maakte hem euforisch, maar veranderde niets meer aan dat besluit.
‘Ik heb het geregeld. Ik trek bij jou in.’
‘Heb je er goed over nagedacht? De ideale oplossing zal het niet zijn.’
‘De kogel is door de kerk, want ik heb het met de verzekering geregeld. Wil je het toch liever niet?’
‘Ik wil het nog steeds graag, alleen heb ik geen rekening gehouden met praktische problemen.’
Op dat moment kon het Hannes weinig schelen. In de eerste plaats voelde hij zich gelukkig en vrolijk.
‘Je bent high en dat gaat nog een tijd duren,’ voorspelde Marnix.
‘Heb je er echt goed over nagedacht? Je gaat veel alleen zitten terwijl ik werk.’ vervolgde hij.
‘Ik heb het met overtuiging beslist.’
‘Je zegt dat nu omdat je high bent.’
‘Nee.’ Hannes glimlachte gelukzalig. ‘Nu durf ik gewoon hardop te zeggen dat een korte kennismaking met jou niet volstaat.'
Marnix liet zijn blik even over Hannes’ verband gaan.
‘Je beseft toch dat ik je geen roomservice ga geven?’
‘Dat hoeft niet.’
‘Ik kook ook verschrikkelijk slecht.’
‘Perfect. Dan vermager ik vanzelf.’
Hij lachte opnieuw, zachter deze keer. ‘Jij hebt geen overgewicht.’
‘Snurk je?’ vroeg Hannes.
‘Volgens mij niet.’
‘Iedereen die snurkt, zegt dat.’
‘En jij praat in je slaap.’
‘Dat is een leugen.’
‘Nee. Daarstraks praatte je twintig minuten over pizza.’
Hannes fronste.
‘Welke pizza?’ Hij schoot in de lach, maar voelde meteen een pijnscheut door zijn arm trekken. Marnix legde automatisch zijn hand even tegen Hannes' schouder, een kort, geruststellend gebaar.
‘Rustig. Straks scheurt je heroïsche operatiewond nog open.’
Hannes keek naar hem op.
‘Blijf nog even.’
‘Ik heb nog werk.’
‘Dat was geen nee.’
Hij zuchtte gespeeld, schoof wat gemakkelijker achterover in de stoel naast Hannes’ bed en keek naar de infuuspomp.
‘Een kwartier.’
‘Je bent slap, Marnix.’
‘Soms.’ zei hij. ‘Maar alleen tijdens kalme nachtdiensten. Misschien kom ik nog terug.’
Toen Hannes eindelijk zweeg, kwam Marnix tot de vaststelling dat het toegezegde kwartier ruim overschreden was.
‘Ik moet echt weg nu.’
Hij kwam even later terug. Hannes was wakker.
‘Ik heb nagedacht.’
‘Dat kan gevaarlijk zijn.’
Hij streek met zijn hand door zijn haar.
‘Mijn appartement is eigenlijk niet gemaakt voor patiënten met gipsconstructies.’
‘Ik ben zelfstandiger dan ik eruitzie.’
‘Dat betwijfel ik ten zeerste.’
Hannes keek naar zijn armen die als een bouwproject boven de lakens lagen.
‘Goed punt.’
Marnix begon praktische dingen op te sommen, half tegen zichzelf.
‘De divan kan ik openklappen. Jij krijgt het grote bed.’
‘Wat galant.’
‘Ik meen het. Met die arm kan je onmogelijk de hele nacht tegen een muur liggen draaien.’
‘En jij?’
‘Ik overleef een maand in de divan gemakkelijk. Hij is smal, maar comfortabel genoeg.’
Hij zei het nuchter, maar Hannes hoorde dat hij de beslissing in feite al genomen had.
‘Mijn douche is wel klein,’ merkte hij op.
Hannes begon te lachen.
‘Fantastisch. Dat wordt gezellig.’
Marnix trok een gezicht.
‘Ik probeer me momenteel voor te stellen hoe ik jou daarin moet manoeuvreren zonder dat je opnieuw op spoed belandt.’
‘Gewoon uitglijden in douchegel.’
Hij keek Hannes strak aan.
‘Dat is exact waarom patiënten geen morfinepomp zouden mogen bedienen.’
Hannes schoot opnieuw in de lach. Meteen trok de pijn door zijn arm.
‘Rustig,’ zei hij automatisch. Hij zag Marnix verder denken.
‘Je gaat ook geen deftige kleren over die gipsen krijgen.’
‘Ik kan topless leven.’
‘Ik ga online goedkope XL-shirts bestellen en de mouwen openknippen. Velcro moet ik mee bestellen.’
Hannes knipperde verbaasd met de ogen.
‘Heb jij stiekem een opleiding rampenmanagement gevolgd?’
‘Nee. Te lang alleen geleefd.’
Marnix stond op en begon langzaam heen en weer te wandelen naast Hannes bed, terwijl hij ondertussen zijn appartement in gedachten herschikte.
‘Jij gaat je dood vervelen terwijl ik werk.’
‘Ik kan naar het plafond kijken.’
‘Na drie dagen ga je dat plafond haten.’
‘Waar ook.’
‘Ik heb een e-reader.’
‘Wat lees jij?’
‘Vooral horror en voor jou veel te depressieve literatuur.’
‘Perfect. Dan kan ik emotioneel verder aftakelen.’
‘Er staan ook gewone boeken op.’
Hannes glimlachte vaag naar Marnix.
‘Je bent eigenlijk volledig akkoord gegaan zonder het te beseffen.’
Hij bleef stilstaan. Alle bezwaren die hij had opgesomd, waren ondertussen veranderd in halve oplossingen.
Marnix zuchtte zacht en keek Hannes aan.
‘Oké. Geen paniek.’
‘Dat klinkt niet overtuigend.’
‘Geen paniek,’ herhaalde hij. ‘Ik heb wel redenen om morgen dringend in actie te schieten.’
‘Een antislipmat?’
‘Ik zal inderdaad moeten voorkomen dat jij binnenkort naakt in een te kleine douche blijft steken.’
‘Romantiek bestaat dus nog.’
Marnix schudde glimlachend zijn hoofd, trok de stoel dichter bij Hannes’ bed en ging opnieuw zitten.
‘Probeer nu maar wat te slapen voor ik effectief een spreadsheet begin te maken van mijn plannen.’

Gesloten