Beter dan iemands leven verpesten, deel 1.

Plaats hier je eigen verhalen.
Gesloten
Wimmie
Berichten: 252
Lid geworden op: wo 01 jan 2020, 23:09
Vul het getal in: 123

Beter dan iemands leven verpesten, deel 1.

Bericht door Wimmie » ma 28 jul 2025, 13:09

Jan-Willem gooit zijn rugzak naast zijn bureau en gaat op bed liggen. Het is warm op zijn kamer. Dat is het enige nadeel van zijn kamer: met de zon erop is het snel warm. Verder is het een kamer waar menig leeftijdsgenoot jaloers op zou zijn: de kamer is groot, hoog, met een eigen badkamer.

Jan-Willem heeft zijn kamer op heel eigen manier ingericht. Het is niet echt een puber-kamer, rommelig, met posters van idolen aan de muur. De kamer is opgeruimd, gezellig, de wanden geverfd in warme kleuren, er staat een tafel met drie stoelen eromheen, plus een breed bed, een bureau met twee beeldschermen erop. Een dubbele kast is groot genoeg om al zijn kleding netjes in op te bergen. Dat doet Jan-Willem ook: hij is precies. Dat komt hem ook goed van pas bij zijn hobby: tekenen. Dat kan hij goed, wat te zien is aan de muren van zijn kamer. Daar hangen heel wat van zijn mooiste tekeningen. Vanwege zijn tekenhobby staat er ook een tekentafel.

Jan-Willem kijkt zijn kamer rond. Hij voelt zich uitgeput en warm. Hij trekt zijn t-shirt en korte broek uit. Hij bekijkt zichzelf. Hij is niet ontevreden over zichzelf. Hij is niet sportief, heeft geen sixpack, dat hoeft van hem niet. Hij is slank, is gebruind door de zon en met zijn blond krullende haar en blauwe ogen ziet hij er aantrekkelijk uit. Hij heeft jaren regelmatig meisjes achter zich aan gehad. Dat is nu niet meer zo. Dat is zijn eigen schuld. Toen hij bijna een jaar geleden ontdekte dat hij verliefd was op een jongen uit zijn klas en dit na lang aarzelen aan Liam vertelde, begon voor hem de ellende. Liam meldde hem meteen dat hij niet op jongens viel, dat hij het idee alleen al vies vond, dus dat hij van dit soort toestanden niet gediend was. De bijna fluisterend gestelde vraag van Jan-Willem of hij het verder voor zich wilde houden werd met hoongelach beantwoord. Natuurlijk werd dit niet geheim gehouden: zijn klasgenoten moesten maar eens weten wat voor jongen Jan-Willem was. Toen was het begonnen. In de pauze had Liam het hele verhaal in geuren en kleuren verteld. Toen hij met zijn verhaal begon was Jan-Willem er nog bij, maar toen hij doorhad wat er ging gebeuren was hij weggelopen en naar de klas gegaan. Daar vroeg hij zich af waarom Liam dit deed en wat er zou gaan gebeuren. Dat laatste merkte hij al snel: toen zijn klasgenoten na de pauze de klas inkwamen was het minst vervelende dat sommigen naar hem keken. Anderen maakten spottende opmerkingen. Het ergste waren zijn klasgenoten die hem in het voorbijgaan een duw gaven onder de uitroep: hé, homo!

Vanaf dat moment zaten er geen meisjes meer achter hem aan. Nu waren het jongens, maar niet op een prettige manier. Langzamerhand werd hij het pispaaltje van de klas. Hij had nooit bij het populaire deel van de klas gehoord, maar hij had wel een plekje, een rustig plekje in de klas. Nu viel hij langzamerhand buiten de klas.

Na schooltijd ging het door. Hij werd uitgescholden. Eén keer had een groepje geprobeerd hem te pakken te nemen. Door heel hard weg te fietsen en via wat kleine zijstraatjes zo snel mogelijk naar huis te fietsen had hij het groepje belagers af kunnen schudden.

Jan-Willem had in het begin de hoop gehad dat het wel over zou waaien. Dat was niet uitgekomen. Het verbaal pesten of het dreigen buiten was inderdaad minder geworden, niet overgegaan. In plaats daarvan begon het pesten via internet. In hun klasse-app werden regelmatig seksueel getinte foto’s gepubliceerd waar zijn hoofd op gefotoshopt was. Dit was minstens zo vervelend. Gevolg was dat hij zich steeds meer terugtrok. Hij had nooit een vriend in de klas gehad, dat zat er nu helemaal niet in.

Jan-Willem heeft wel een vriend, een heel goede zelfs. Lars kent hij al zijn hele leven: ze hebben al op de kleuterschool vriendschap gesloten. Lars is niet gay, hij heeft zelfs een vriendin, Ineke. Desondanks ziet hij Lars regelmatig ook al zit hij op een andere school.

Toen het gepest begonnen was had hij het hele verhaal aan Lars verteld. Lars deed er niet moeilijk over. Ze bleven gewoon vrienden.

Opeens schrikt Jan-Willem op. Zijn moeder roep dat ze thuis is. Kennelijk is hij in slaap gedommeld. Hij kijkt op zijn horloge. Hij heeft een uur geslapen. Hij roept terug dat hij er aan komt. Snel pakt hij zijn korte broek, trekt die aan evenals zijn shirt. Hij loopt de trap af naar de keuken. Geen moeder daar. Dan hoort hij de douche. Hij besluit naar buiten te gaan, zijn moeder zal zo ook wel naar buiten komen wanneer ze klaar is met douchen. Hij neemt een fles Spa-rood mee plus twee glazen.

Als hij in het zitje onder de grote boom zit kijkt hij snel even op zijn telefoon. Twee berichten. Bericht één is van Lars, of hij morgen mee gaat zwemmen in het meertje vlak bij hun huis. Lars woont in dezelfde straat, drie huizen verder. Ineke gaat met klasgenoten de stad in. Het zal morgen warm worden. Snel typt hij terug dat een goed idee te vinden.
Het tweede appje zit in de klasse-app. Het is een uitnodiging voor een barbecue, morgenavond. Er staat bij: voor de hele klas behalve Jan-Willem. Tussen haakjes staat er: (we willen er geen homo bij!). Jan-Willem staat op, als door een adder gebeten. Snel gaat hij weer zitten: op dat moment komt zijn moeder aangelopen.

Jan-Willem heeft de lichaamsbouw, de kleur van zijn haar en de vorm en de kleur van zijn ogen van zijn moeder. Alleen de krullen heeft hij van zijn vader. Die is niet echt slank te noemen, eerder gezet. Beide ouders zijn geen sportmensen, wel artistiek. Zijn moeder is danslerares aan de gemeentelijke dansschool, zijn vader geeft les op het conservatorium.

“Hai mam, ik heb al wat te drinken voor ons meegenomen” reageert hij nadat hij een keer diep adem heeft gehaald.
“Dank je wel, Jan-Willem. Wat stond jij net geagiteerd op?” vraagt zijn moeder. “Toch niet omdat je mij zag?” laat ze er schertsend op volgen.
“Natuurlijk niet, dat weet je ook wel! Ik las net een berichtje op de klasse-app wat me kwaad maakte.”
“Is het pesten dan weer begonnen?” reageerde zijn moeder begripvol.
“Neen, het uitsluiten. Morgenavond barbecue voor de hele klas behalve voor mij, want ze willen er geen homo bij.”
“O, Jan-Willem” reageerde zijn moeder begripvol.
“Nou ja, wanneer ik wel uitgenodigd zou zijn zou het vast geen prettige avond zijn geworden.” reageert Jan-Willem, zich de laatste klasseavond herinnerend. Die was voor hem bepaald niet gezellig verlopen.
“Is het een idee om morgenavond ook te gaan barbecueën? Dan nodig we Lars, zijn ouders en Ineke uit. Hebben we een gezellige barbecue.” suggereert Jan-Willem.
“Laten we het er straks onder het eten met papa over hebben. Ik vind het een heel goed idee.”

Zijn ouders had hij al jong verteld dat hij dacht op jongens in plaats van op meisjes te vallen. Zij hadden er heel rustig, positief op gereageerd en hem altijd gesteund. Zij hadden op een bepaald moment gesuggereerd eens met de vertrouwenspersoon op school te gaan praten. Dat had Jan-Willem gedaan. Hij had wel gevraagd om er niet openlijk op te gaan reageren, bang als hij was dat het alleen maar erger zou worden. Dat was niet gebeurd; hoewel op school het pesten grotendeels over was gegaan omdat leraren vaak langer in de klas bleven of er eerder waren, vaker in de gangen en de kantine langsliepen. Zijn klasgenoten hadden daardoor minder kans gehad om op school acties naar Jan-Willem te ondernemen, maar deden dat nu duidelijk op een andere manier: via de klasse-app of bij buitenschoolse activiteiten.

Zijn ouders hebben er met hem wel eens over gehad om naar een andere school te gaan. Dat zou een nieuwe start kunnen betekenen. Jan-Willem had er over nagedacht. Uiteindelijk had hij besloten dat niet te doen. Hij deed het goed op school, de school was niet zo ver van hun huis, met de meeste docenten had hij een goede band, het was ‘alleen’ een aantal klasgenoten dat hem dwarszat.

Onder het eten kwam de barbecue ter sprake. Zijn vader vond het een goed idee. Ze waren goed bevriend met de ouders van Lars, ook al sinds de kleuterschool. Ineke kwam ook regelmatig met Lars mee. Kortom: de volgende avond zouden ze met zijn zevenen gaan barbecueën. Hij stuurde meteen een uitnodiging.

Lars is een rustige jongen. Het was niet toevallig dat Lars en Jan-Willen op de kleuterschool elkaar vonden. In de drukke kleuterklas vonden deze twee rustige kleuters elkaar snel. Vanaf dat moment zijn zij onafscheidelijk geweest. Pas toen de middelbare school een keuze noodzakelijk maakte scheidden hun paden. Maar alleen tijdens schooltijden. Daarbuiten, in de weekenden en vakanties bleven Jan-Willen en Lars elkaar opzoeken.

Lars heeft nu een half jaar een vriendinnetje. Tot grote vreugde van Jan-Willem zijn ze niet wat je noemt ‘klef’. Ze claimen elkaar ook niet. Lars heeft voldoende gelegenheid met Jan-Willem te blijven omgaan wanneer Ineke contact heeft met haar vriendinnen. Dat vinden ze alle twee heel prettig.

Zo komt het dat Jan-Willen en Lars de volgende dag samen naar het meertje fietsen. Het meertje, resultaat van een eerdere zandwinning voor het aanleggen van een autosnelweg, ligt niet ver van hun huis. Heel veel jeugd vindt elkaar daar op warme dagen in het weekeind of na school. Jan-Willem en Lars zijn er aan gewend dat er ook klasgenoten van hen zijn. De klasgenoten van Jan-Willem laten hem daar gelukkig met rust. Omdat ze samen zijn? Lars is lang en oogt sterk, zijn spieren zijn goed ontwikkeld. Hij speelt basketbal.

Als ze er een half uurtje aan de kant hebben liggen kletsen en het water ingaan, treffen zij een klasgenoot van Jan-Willem die zegt dat hij met hem wil praten. Zij spreken af dit te doen als ze uitgezwommen zijn. Wanneer ze terugkomen bij hun handdoeken en zich hebben afgedroogd komt Edwin naar hen toe. Edwin is één van de rustige jongens in de klas van Jan-Willem. Hij gaat bij hen zitten.

“Ik wil even zeggen dat ik het erg lullig vind dat de klas je voor vanavond heeft buitengesloten. Er zijn meer klasgenoten die vinden dat dit eigenlijk niet kan. Daarom hebben we besloten, tenzij jij daar een probleem mee hebt, om vanmiddag te laten weten dat wij om die reden vanavond ook niet komen. We zijn met zijn zessen, met mij er bij.”

Lars kijkt Jan-Willem aan. “Het gaat dus nog steeds door?” Jan-Willem knikt. “Dan vind ik dit een heel mooi gebaar. Waarom vraag je: ‘tenzij jij daar een probleem mee hebt?’ aan Jan-Willem?” vraagt Lars aan Edwin.
“Omdat wij niet kunnen inschatten hoe er gereageerd gaat worden. Noch naar onszelf want wij zijn met zijn zessen, noch naar Jan-Willem. Wij willen niet dat Jan-Willem daardoor nog meer in de problemen komt.”
Jan-Willem denkt even na. “Ik denk niet dat ze nog meer naar mij kunnen doen dan ze al hebben gedaan en nog doen. Ik vraag me af wat ze kunnen doen naar jullie. Jullie zijn een kwart van de klas. Er zijn misschien wel meer klasgenoten die het allemaal niets vinden, niet durven, kunnen of willen reageren. Het kan zijn dat die nu wakker worden. Ik heb er geen bezwaar tegen.”

Lars vraagt “Ik ben eigenlijk wel benieuwd waarom jullie nu met een reactie komen en niet eerder. Jan-Willem is al langere tijd op allerlei manieren gepest, dus waarom juist nu?” is zijn directe vraag aan Edwin.
Edwin reageert: “Wij hebben wel vaker onderling gesproken over het pesten van Jan-Willem. We vinden alle zes dat het niet kan. Twee van ons denken zelf homo te zijn. Dus zijn we bang dat wanneer we iets doen, we dat als een boemerang terug krijgen. Daarom hebben we besloten nu het om de hele groep gaat, ook als groep te reageren. Dat maakt ons, hopen we, minder kwetsbaar. We hebben afgesproken: mocht er echt gedonder van komen, dan stappen we met zijn zessen naar de vertrouwenspersoon. In een groep voelen we ons sterker.”

“Ik begrijp het”, regeert Jan-Willem. “Ik ben blij te horen dat er meer klasgenoten tot de conclusie zijn gekomen dat ze misschien homo zijn en dat durven delen met andere klasgenoten.”

Edwin gaat weer terug naar zijn vrienden en laat Lars en Jan-Willem alleen.

Gesloten