Niels:
Als ik wakker wordt zie ik dat Sam al wakker is. Hij ligt ontspannen op zijn zij naar mij te kijken.
“Goede morgen, lieve Niels, we beginnen straks aan dag één.”
“Dag lieve Sam. Dat wordt geen echte opgave: we hebben hem al twee keer gesupt.”
“Ja. Nu gaat het om het geld inzamelen.”
“Wie gaat er eerst douchen, jij of ik?”
“Samen douchen spaart tijd en water. Zie je dat zitten?”
“Je hebt gelijk. Jij hebt je al zo lang in moeten houden, daar kan nu een eind aan komen.”
“Prima, dan gaan we samen.”
Mijn vader heeft alles al klaar. We eten een ontbijt waar we het een aantal uren op vol kunnen houden. Dan brengen we onze spullen naar de paardentrailer en vertrekken we.
We zijn ruimschoots op tijd. We hebben een afspraak met de regionale omroep. Het is druk op het startpunt. Dit wordt heel anders: suppen in een groep. Dat is misschien makkelijker! Ik zie niet op tegen de tocht, we zijn goed getraind. Ook Sam moet het makkelijk kunnen doen.
Joris is er met zijn ouders en is in gesprek met de regionale omroep. Wij brengen onze planken naar waar we gaan starten en lopen met onze spullen terug. Joris ziet ons en zwaait. Ik schuif Sam naar voren en die wordt meteen in het vraaggesprek betrokken.
Belangrijke vraag is: hoeveel geld hebben jullie nu al? Antwoord: gisteravond € 5.430,- aan eenmalige giften. Verder hebben 55 mensen toegezegd per kilometer te betalen. Sam benadrukt dat er nog steeds eenmalig of per kilometer gegeven kan worden. Hij geeft Joris een stapel flyers. De interviewer neemt er ook een mee en beloofd dat die op de website van de regionale omroep komt.
Dan wordt de SUP 11City Tour officieel gestart en suppen we in groepjes weg. Sam en ik hebben een speciaal t-shirt aan met SAMSUPTVOORLEUKENIE op de voorkant. Daaronder een tekening van een supper. Het reclamebureau heeft daarvoor gezorgd en dat ook betaald. Aan de achterkant staat bij Sam: ‘SAM, uitdager’ en klein eronder ‘Niels, coach’ en bij mij precies omgekeerd. Andere deelnemers hebben een shirt van de SUP 11 City Tour. Wij hebben toestemming voor het dragen van de afwijkende shirts.
Het voordeel is dat er nu plekken zijn waar een pauze is geregeld. Daar kunnen we ook eten en drinken kopen. Dat kan ook ’s avonds: er is een diner georganiseerd. We gaan daar een paar keer gebruik van maken. De planken kunnen elke nacht blijven liggen, daar kiezen we niet voor: ons vervoer is geregeld.
Het suppen in een groep is even wennen. Er is verschil in tempo. Het tempo ligt gemiddeld behoorlijk hoog: veel suppers zijn goed geoefend. Daar kunnen wij ons intussen ook bij scharen.
Verschil: voor ons is het geen wedstrijd, voor velen wel. Wij moeten gewoon de 5 dagen suppen en dan is ons doel behaald.
De eerste dag verloopt goed. De weersverwachting voor de komende dagen is goed: echt Nederlands weer met zon en wolken en de nodige, maar niet te veel wind. Een temperatuur om in korte broek en t-shirt te kunnen suppen.
Op de rustplaatsen eten en drinken we wat en pauzeren we zo lang als we gewend zijn. Wij nemen royale pauzes: sommige medesuppers vertrekken best weer snel om verder te suppen.
Wij krijgen naar aanleiding van onze t-shirts de nodige vragen. Het beantwoorden laat ik aan Sam over, tenzij iemand mij rechtstreeks aanspreekt.
Aan het eind van de eerste dag blijven we met de andere deelnemers in een plaatselijk restaurant eten. Dat geeft ons de mogelijkheid wat meer contact met andere deelnemers te hebben.
Uiteindelijk haalt mijn vader ons op.
Onderweg meldt Sam eerst aan zijn ouders, Mees en Silke hoe het is gegaan. Zij hebben ons online via de gps-tracker kunnen volgen. Dan kijken we naar de website met de stand van zaken.
Er is € 1600,- aan eenmalige giften bijgekomen plus 22 mensen die per kilometer betalen.
We gaan vroeg naar mijn kamer. Zo hebben we een half uurtje voor elkaar om daarna toch voldoende te kunnen slapen. Ik ben al tevreden als ik met Sam kan zoenen. Ik wil van hem weten of hij dat ook is.
“Weet je, ik ben zo gewend om smoorverliefd hele dagen met jou door te brengen zonder er iets mee te doen, daar kunnen er nog wel een paar bij. Ik geniet vooral van de gedachte dat jij ook verliefd bent op mij. Ik hoop dat het niet al te zichtbaar is.”
Voor we gaan slapen zetten we eerst de bedden tegen elkaar. Die halve meter ertussen willen we nu niet meer. Ons eigen bed houden wel nog wel even aan.
De volgende morgen zijn we goed op tijd. Nu ben ik eerder wakker dan Sam. Alleen al naar hem kijken is fijn. Zo vlak bij mij. Ik kan het niet laten en wip in zijn bed en kruip tegen hem aan. Als hij mij voelt wordt hij langzaam wakker.
“Dit is zo lekker wakker worden!”
Alles verloopt weer zoals gepland. We krijgen weer een opgeladen gps-tracker. Nu is afgesproken dat de regionale omroep tijdens de pauze in Stavoren met ons zal praten.
We suppen dag 2 alsof het dagelijks werk is. Eigenlijk is het dat ook gezien wat we allemaal gesupt hebben als voorbereiding.
Bij de pauze in Stavoren melden we de regionale omroep de stand van zaken. We hebben het idee dat met name het dagelijks aandacht krijgen op de radio veel oplevert.
Het is de bedoeling dat bij het eindpunt van vandaag zowel radio als tv aanwezig zijn. Dan zal ook Joris er weer zijn. We willen dan met een tussenstand komen, we hopen op nog meer toezeggingen daarna. De organisatie van de SUP 11 City Tour heeft al aangegeven blij te zijn met de aandacht, die ook op de tocht afstraalt.
’s Avonds haalt mijn vader ons weer op. We eten daarvoor met de groep mee. De volgende dagen eten we gewoon thuis.
Als we weer naar de stand van zaken kijken worden we helemaal bij. Er is aan nieuwe giften € 2.575,- binnengekomen en er hebben zich 31 nieuwe mensen opgegeven om per kilometer te betalen.
We kruipen eerst bij elkaar in bed. We gaan ruim op tijd naar bed, want nu gaan we iets nieuws doen, morgen. De eerste twee dagen hadden we al achter elkaar gesupt, de derde dag er achter aan is nieuw. Die dag hebben we wel gesupt, Dat was met een dag niet suppen ervoor. We kruipen tegen elkaar aan en gaan zoenen. We kijken elkaar aan: 'zullen we?' is de vraag in onze blikken.
“Als we op tijd gaan slapen moeten we elkaar niet te veel afremmen.”
Daarom gaan we elkaar verkennen en tevens verwennen. Voor ons alle twee een heel nieuwe ervaring. We gaan op tijd slapen. Alle twee in ons eigen bed.
Dag drie beginnen we weer kort samen in bed. We beperken ons tot zoenen, ’s avonds hebben we meer tijd. Onze meest trouwe volger is de regionale omroep, die vandaag bij het eindpunt zal zijn. Ook zij volgen ons door de dag in diverse programma's via de gps-tracker.
Franeker is de stad waar de tocht deze dag stopt. Franeker is de plaats die bekend is van één van de laatste Elfstedentochten op de schaats vanwege het bruggetje waar een massa mensen de schaatsers aanmoedigden. Suppers hebben dat kennelijk niet nodig, want wij worden niet aangemoedigd.
We worden wel regelmatig aangesproken door medesuppers en door andere mensen.
Bij het eindpunt kunnen we op de regionale omroep melden dat er € 1250,- euro bij is gekomen en dat 21 mensen extra per kilometer gaan betalen.
We gaan nog eerder slapen dan eerder. Mijn ouders zijn alle twee gewoon thuis en mijn vader vraagt zich hardop af of wij misschien net doen of wij niet moe zijn en het toch zijn. “Of speelt er iets anders?” vraagt hij er met wat spot in zijn stem achteraan.
Ik probeer verbaasd te kijken. Wat me niet lukt, vermoed ik zo. Ik kijk Sam aan. Die knikt.
“Wat bedoel je daarmee, pap?” vraag ik.
“Gevolg van observatie en opmerkingsvermogen. Ik zie jullie met elkaar omgaan en ik zie dat jullie bedden inmiddels tegen elkaar aanstaan.”
“Goed gezien, pap. Ja het klopt. Suppend zijn Sam en ik zo naar elkaar gegroeid dat het niet te vermijden was. We zijn verliefd op elkaar geworden. We wilden dat pas na de SUP-Elfstedentocht vertellen. Je bent ons voor.”
“Gefeliciteerd” zegt mijn moeder.
“Inderdaad, gefeliciteerd.” voegt mijn vader toe. "Hoe zijn jullie er van elkaar achter gekomen?”
“Sams zus had het eerder door dan ik en tipte mij. De eerste avond dat we hier samen sliepen ben ik er over begonnen. Toen viel het kwartje bij ons alle twee: wij vallen alle twee op jongens en in het bijzonder op elkaar.”
“Mooi! Jullie hebben het van het begin af aan heel goed met elkaar kunnen vinden. Het was ofwel een hechte vriendschap geworden ofwel een relatie.”
“Wij zijn dolblij met de relatie. Alleen nu gaat de SUP-Elfstedentocht voor. Dus houden we onszelf ook wat rustig.”
Op mijn kamer kijken we elkaar aan.
“Zouden jouw ouders daar ook zo in staan?”
“Ik wil ze het nu zo snel mogelijk laten weten.”
We eindigen de dag samen in bed, slapen in ons eigen bed, beginnen de vierde dag weer samen in bed. We zijn keurig op tijd om de regionale omroep te woord te staan. We melden het resultaat van gisteravond en vertellen dat we ons alle twee prima voelen.
Dag vier begint met prima weer, eindigt in de regen. Gelukkig zijn onze t-shirts van sneldrogend materiaal, net als onze korte broeken. Dat we nat worden is dus niet zo erg.
We kleden ons op de finishplaats snel om voordat we worden opgehaald.
De stand van zaken maakt ons blij: er is € 900,- aan sponsorgeld bijgekomen en 15 mensen die per kilometer betalen. Die konden weten dat het ze 220 kilometer gaat kosten!
Ook nu weer constateren we dat we alle twee nog geen spierpijn hebben.
De laatste dag is een bijzondere dag. Hij is kort: de minste kilometers van alle dagen. We willen hem helemaal fris beginnen. De weersverwachting is slecht: de hele morgen wordt motregen verwacht. Laten we er het beste van hopen.