Beter dan iemands leven verpesten, deel 5.
Geplaatst: di 05 aug 2025, 08:12
Jan-Willem heeft een leuke zomervakantie. Hij gaat 3 weken met zijn ouders weg. Een week voor het eind van de vakantie stuurt Arthur een app met de vraag of Jan-Willem tijd voor hem heeft. Jan-Willem reageert: ‘Uiteraard, wanneer en waar?’
Hij heeft dat nog niet verstuurd of Arthur belt Jan-Willem op.
“Kan je nu, ik heb iets belangrijks te vertellen.”
“Helemaal prima, kom jij hierheen?”
“Wil jij naar mij toe komen?” is de reactie van Arthur.
“Natuurlijk” reageert Jan-Willem.
“Kan je meteen komen?” vraagt Arthur.
“Ik kom eraan.”
Jan-Willem is nog nooit bij Arthur thuis geweest. Als hij zijn fiets voor de deur heeft neergezet gaat die open en staat Arthur hem op te wachten.
“Mijn ouders zijn niet thuis. We nemen wat te drinken mee en gaan dan naar mijn kamer” verwelkomt Arthur hem.
Als ze zitten kijkt Jan-Willem Arthur nieuwsgierig aan. “Nou, wat heb je me te vertellen?”
“Ik ben voor mijn ouders uit de kast.”
“Tjé, Arthur, gefeliciteerd. Hoe is dat gegaan? Positief of negatief?”
“Gelukkig positief. Het was op vakantie. Naast ons stond een caravan met twee mannen. Zij waren samen op vakantie, waren erg aardig en kwamen uit Schotland. Wij hadden er goed contact mee. Ik dacht: ik kan nu proberen te peilen hoe mijn ouders denken. Dus vroeg ik op een gegeven moment: ‘Onze buren, zouden dat gewoon twee vrienden zijn of zouden zij iets met elkaar hebben?’
Mijn ouders keken mij verbaasd aan. ‘Zou dat wat uitmaken? Doet het er wat toe als zij homo zijn?’
Ik reageerde blij, want nu had ik een opening.
‘Eigenlijk hebben we het nog nooit over dit onderwerp gehad. Jullie hebben dus geen moeite met mensen die homo zijn?’
En mijn moeder zei: ‘Jongen, wat maakt dat uit? Het zou ons ook niet uitmaken als jij ons zou vertellen dat je homo bent.’
Ik dacht: nu of nooit. Dus zei ik: ‘Nou, dat is nu precies wat er aan de hand is. Ik ben er al een tijdje achter dat ik op jongens val.’ En toen heb ik het hele verhaal verteld.
Mijn ouders reageerden heel positief. Later hebben we het er nog met onze buren over gehad en die bleken getrouwd te zijn. Ze hebben mij verteld dat ze het alle twee moeilijk hebben gevonden het hun ouders te vertellen. Nu weten mijn ouders het. Die accepteren mij zoals ik ben.”
Jan-Willem reageert blij! “Dat maakt het allemaal een stuk makkelijker voor je, in ieder geval thuis. Hoe denk je er verder over, naar vrienden en naar school?”
“Ik wil het voorlopig graag tot mijn ouders en jou beperken. Dit is een stap, voor meer stappen ben ik nog niet klaar!”
“Dat begrijp ik. Maar dit was een belangrijke stap. In onze klas hoef je niet bang te zijn!”
“Ik weet het, maar toch: even rustig aan. Mijn ouders weten dat jij homo bent, ik heb ze het hele verhaal van het pesten verteld en ook dat wij samen met Erik en twee klasgenoten de andere klassen op school gaan voorlichten.”
“Dan ben je wel heel eerlijk geweest, dat vind ik knap van jou. Hoe vinden jouw ouders dat?”
“Ze vinden het goed dat ik op deze manier probeer wat goed te maken.”
Dan horen ze van beneden een stem: “Wij zijn thuis.”
“Kom je mee, Jan-Willem, dan kan je kennis maken.”
Jan-Willem en Arthur lopen naar beneden.
“Mam, pap, dit is Jan-Willem waar ik over heb verteld.”
Ze maken kennis en praten wat over wat gebeurd is en dat Arthur heeft verteld dat hij ook homo is. Tot Jan-Willem op zijn horloge kijkt en ontdekt dat hij nodig naar huis moet. Hij neemt afscheid van de ouders van Jan-Willem en die brengt hem naar de deur.
“Dan zien we elkaar binnenkort op school weer.”
“Ja, een nieuw jaar. Een klas met wat andere klasgenoten, met nieuwe activiteiten. Ik heb er zin in.”
“Ik ook. Tot volgende week!”
Hij heeft dat nog niet verstuurd of Arthur belt Jan-Willem op.
“Kan je nu, ik heb iets belangrijks te vertellen.”
“Helemaal prima, kom jij hierheen?”
“Wil jij naar mij toe komen?” is de reactie van Arthur.
“Natuurlijk” reageert Jan-Willem.
“Kan je meteen komen?” vraagt Arthur.
“Ik kom eraan.”
Jan-Willem is nog nooit bij Arthur thuis geweest. Als hij zijn fiets voor de deur heeft neergezet gaat die open en staat Arthur hem op te wachten.
“Mijn ouders zijn niet thuis. We nemen wat te drinken mee en gaan dan naar mijn kamer” verwelkomt Arthur hem.
Als ze zitten kijkt Jan-Willem Arthur nieuwsgierig aan. “Nou, wat heb je me te vertellen?”
“Ik ben voor mijn ouders uit de kast.”
“Tjé, Arthur, gefeliciteerd. Hoe is dat gegaan? Positief of negatief?”
“Gelukkig positief. Het was op vakantie. Naast ons stond een caravan met twee mannen. Zij waren samen op vakantie, waren erg aardig en kwamen uit Schotland. Wij hadden er goed contact mee. Ik dacht: ik kan nu proberen te peilen hoe mijn ouders denken. Dus vroeg ik op een gegeven moment: ‘Onze buren, zouden dat gewoon twee vrienden zijn of zouden zij iets met elkaar hebben?’
Mijn ouders keken mij verbaasd aan. ‘Zou dat wat uitmaken? Doet het er wat toe als zij homo zijn?’
Ik reageerde blij, want nu had ik een opening.
‘Eigenlijk hebben we het nog nooit over dit onderwerp gehad. Jullie hebben dus geen moeite met mensen die homo zijn?’
En mijn moeder zei: ‘Jongen, wat maakt dat uit? Het zou ons ook niet uitmaken als jij ons zou vertellen dat je homo bent.’
Ik dacht: nu of nooit. Dus zei ik: ‘Nou, dat is nu precies wat er aan de hand is. Ik ben er al een tijdje achter dat ik op jongens val.’ En toen heb ik het hele verhaal verteld.
Mijn ouders reageerden heel positief. Later hebben we het er nog met onze buren over gehad en die bleken getrouwd te zijn. Ze hebben mij verteld dat ze het alle twee moeilijk hebben gevonden het hun ouders te vertellen. Nu weten mijn ouders het. Die accepteren mij zoals ik ben.”
Jan-Willem reageert blij! “Dat maakt het allemaal een stuk makkelijker voor je, in ieder geval thuis. Hoe denk je er verder over, naar vrienden en naar school?”
“Ik wil het voorlopig graag tot mijn ouders en jou beperken. Dit is een stap, voor meer stappen ben ik nog niet klaar!”
“Dat begrijp ik. Maar dit was een belangrijke stap. In onze klas hoef je niet bang te zijn!”
“Ik weet het, maar toch: even rustig aan. Mijn ouders weten dat jij homo bent, ik heb ze het hele verhaal van het pesten verteld en ook dat wij samen met Erik en twee klasgenoten de andere klassen op school gaan voorlichten.”
“Dan ben je wel heel eerlijk geweest, dat vind ik knap van jou. Hoe vinden jouw ouders dat?”
“Ze vinden het goed dat ik op deze manier probeer wat goed te maken.”
Dan horen ze van beneden een stem: “Wij zijn thuis.”
“Kom je mee, Jan-Willem, dan kan je kennis maken.”
Jan-Willem en Arthur lopen naar beneden.
“Mam, pap, dit is Jan-Willem waar ik over heb verteld.”
Ze maken kennis en praten wat over wat gebeurd is en dat Arthur heeft verteld dat hij ook homo is. Tot Jan-Willem op zijn horloge kijkt en ontdekt dat hij nodig naar huis moet. Hij neemt afscheid van de ouders van Jan-Willem en die brengt hem naar de deur.
“Dan zien we elkaar binnenkort op school weer.”
“Ja, een nieuw jaar. Een klas met wat andere klasgenoten, met nieuwe activiteiten. Ik heb er zin in.”
“Ik ook. Tot volgende week!”