Een vreemde (deel 6)

Plaats hier je eigen verhalen.
Gesloten
Amexic
Berichten: 99
Lid geworden op: wo 10 jun 2015, 20:14
Vul het getal in: 123
Locatie: Antwerpen

Een vreemde (deel 6)

Bericht door Amexic » di 19 nov 2019, 15:49

Een vreemde (deel 6)

Ik bestudeer de foto van de jonge versie van zijn grootmoeder. Lijkt ze op Lukas? Ik moet het doen met het eerste beeld dat ik van hem voor ogen heb en met een te kleine profielfoto.
Ik beantwoord zijn vraag: 'De verboden vrucht heeft betrekking op homoseksuele relaties. Ik heb gegeten van de boom van kennis van goed en kwaad. Ik bedoel het sceptisch. In de Bijbel staat het verhaal over de boom van kennis van goed en kwaad... Dat zegt niets over wat goed en kwaad inhoudt. Met Ludwig zijn me de ogen geopend. Ik ben de drempel 'dat het fout was' over gemoeten. Er is niks mis met mij. Ik ben katholiek of wat daar voor kan doorgaan. Het geloof is vergane glorie hier maar ergens speelt het mee in mijn collectief geheugen. Ik zou niet weten waarom ik fout ben. Ik sta verder nu. Ik ben enig kind. Ik heb altijd een broer of zus gewild. Het is geen handicap. 
Je zegt dat Finnar zo veel foto's van je genomen heeft. Jouw beeld begint te vervagen. Mag ik een paar betere afgietsels van je?'
Lukas stuurt kort nadien iets terug met bijlage.'Voor wat hoort wat. Laat die foto's van jou maar komen, even veel of meer... ' 
Hij is online en dat heb ik gezien. Ik selecteer snel wat uit mijn fotoarchief en stuur het aan Lukas. 
Op mijn MSN komt dit berichtje binnen. 'Leuk! Ik ga er eentje op posterformaat laten afdrukken en op de deur van het toilet hangen. Zin om te chatten?'
'Jawel, ik heb de hele avond tijd. 'Dat van die poster meen je niet.'
'Uiteraard meen ik dat niet. Een lelijke kerel die je de hele tijd aanstaart terwijl je je behoeften doet, daar zou ik of obstipatie of diarree van krijgen.'
We leuteren over van alles: het werk, onze familie, het weer...  Lukas heeft legerdienst vervuld enzovoort. Ik stuur een panoramafoto van mijn interieur en zo doet hij.
'Heb je meer foto's om te delen? Voel je niet verplicht.'
'Omdat je aandringt. Het is een kleine moeite. Ik heb ze netjes gerangschikt in mappen. Van het laatste jaar heb ik zeer weinig, je weet waarom.'
Ik klik op de ontvangen link. Het zijn honderden foto's zie ik vluchtig. 'Is dat alles?'
'Bijlange niet. Ik bezit een mapje dat niet voor jou ogen bestemd is.'
'Grapje. Ik bedoel wat een overvloed. Die bekijken gaat straks mijn nachtrust kosten. Je prikkelt me. Dat mapje heeft dat te maken met dat je zijn model was?'
'Goed geraden. Ik heb ze bewaard want ze zijn van mezelf. Hem heb ik gevraagd alles van mij te deleten.'
'Dat is delicaat. Zou hij dat gedaan hebben? Of erger?'
'Ik geloof nooit dat hij alles gewist heeft. Ik vernietigde in ieder geval alles van hem. Hij was fotograaf en we hadden een vaste relatie. In die omstandigheden leek het normaal dat ik zijn belangrijkste onderwerp vormde. Gelukkig ben ik nergens iets van mezelf tegen gekomen. We zijn als vrienden uit elkaar gegaan, dat scheelt.'
'Nu deel je met mij zoveel van je privé. Moet je dat wel doen?'
'Je heb ze onmogelijk al gedownload. Ik trek mijn toestemming zo terug in.'
'Nee man. Van mij heb je er trouwens nog tegoed. Ze komen er aan wanneer ik tijd heb gevonden om wat te selecteren. Veel soeps wordt het niet.'
De foto’s betekenen een groot cadeau. Na ons chat gesprek, download ik het hele pakket. Er zitten nogal wat reportages tussen.
Ze geven een idee van Lukas’ leven tot de breuk met zijn vriend. Ik zie hem op feestjes en barbecues. Familiefoto’s zitten er niet bij. De diploma-uitreiking is herkenbaar, de enige foto met zijn ouders op. Ik tref hem vaak aan in de natuur. Lukas op ski’s, Lukas op schaatsen... Ze kennen de winter daar. Die ene is om in te kaderen. Je ziet enkel rode kaken en zijn lachende ogen omkaderd door een muts en een dikke sjaal. Zomer in Finland, een ander thema. Zijn vriend heeft prachtig werk geleverd. De kajak reportage trekt bijzonder mijn aandacht. Ze bevat tientallen foto’s. Ook de zwempartij aan het meer, een andere reeks, bekijk ik opnieuw en opnieuw.
Wat is de mooiste? Ik maak een top drie, die ik versleep naar een splinternieuw mapje.
De winterfoto met zijn gezicht in close-up is de eerste. De tweede is er eentje in de kajak en de derde een zwem foto.
Hij ligt dwars in een knalgele opblaas kajak. De peddels liggen werkloos links van hem. De natte onderbenen hangen over de ene boord, de knieën in een knik omhoog. Zijn handen houden de handgrepen vast, de ellebogen leunen op de opgeblazen boord zodat hij half zit. De schouders worden opgetrokken door deze positie. De lenden zijn verzonken op de bodem van het bootje. Vanwege deze houding welven zijn buikspieren een beetje op zijn vlakke buik. De sublieme lichtinval accentueert dat. Van opzij glijdt de schaduw van zijn hoofd over zijn linker borst. Het onzichtbare deel van zijn gezicht vangt zon. Je ziet nog net een gloed als bij een maansverduistering. Hij kijkt in de verte. De spieren van zijn bovenbenen komen beter tot hun recht omdat ze over de kajak hangen. Omdat ze nat zijn geeft de zon ze een bijzondere glans. De knieën zijn gebruind. Hoger naar zijn zwembroek toe heeft de zon minder kans gekregen. Daar zijn Lukas' benen bleker. Je ziet perfect een pees van zijn hamstring die naar de aanhechting op het schaambeen leidt onder zijn zwembroek verdwijnen. 
De derde foto is zijdelings vanuit kikkerperspectief genomen. Lukas zit op een grote grijze gladde steen deels begroeid met korstmossen in groene en oranje kleuren. Linkerbeen gestrekt. Zijn in een hoek van 45 graden opgetrokken rechterbeen overheerst het beeld. Blote tenen krullen over de rand van de steen. De linkerhand rust op het rechter scheenbeen net boven de enkel. Door de driehoek gevormd door zijn geplooide been zie je zijn onderarm en wat blauwe lucht. De rechterarm rust losjes op de rechterknie. De hand is ontspannen, de pols omlaag geknikt. Hij heeft een mouwloos T-shirt aan met 'blauw en wolken' patroon. Hij draagt dezelfde zwarte zwembroek van het strakke zwemshort model als op de andere foto. Van die zwembroek zie je enkel een zijkant en een driehoekig stukje dat tussen zijn benen uitsteekt. De oksel is geschoren. Zijn kin raakt zijn bovenarm. Hij kijkt recht in de camera, naar mij als het ware. Zijn lieve, ontspannen blik houdt me gevangen. Verdorie, hij kijkt naar de fotograaf en dat is Finnar. Ik voel een steek van verontwaardiging.
Het kost me een stuk van mijn nachtrust omdat ik laat ga slapen. Ik word verdwaasd wakker na een vreemde droom. Ik heb de controle verloren... Wat ik verloren ben, is tastbaar aanwezig in mijn pyjamabroek. Nu, het verliezen van, is relatief want dromen doe je in je onderbewustzijn. Vaak herinner ik me dromen niet, deze wel. Natte dromen wekken me steeds. Meestal laten ze een onbehaaglijk gevoel achter. Het is mijn natuur om alles proberen te beheersen in mijn leven. Of is het een trauma door mijn moeder bezorgd door opmerkingen te geven over weeral een broek in de was tijdens mijn puberteit? 
Mijn werk eist nauwkeurigheid en ik ben daar goed in. Juist is enkel juist wanneer het voor de volle 100 procent is. Eerlijkheid is een ander hoger doel wat correctheid overtreft. Ik heb geleerd een open boek proberen te zijn voor anderen. Dat lukt me aardig.
Mensen houden er niet van als je jezelf afsluit. 
Dit is een werkpunt: ik wil spontaner overkomen. Dat nastreven is in mijn geval een contradictio in terminis.
Bij Lukas merk ik in grote mate die spontaniteit die ik tekort kom. Hij poseert niet op foto, hij toont slechts zijn extraverte zelf. Sommige foto’s branden zich op mijn netvlies als een onbereikbare fata morgana. Ze wakkeren het zoete verlangen dat al bestaat aan tot een laaiend vuur. Lukas is interessant. Ik ben hem aan het leren kennen. Ik weet best wat ik aan het doen ben.
Met Ludwig volgde ik het pad in omgekeerde richting. Dat pad wil ik niet opnieuw bewandelen. Ben ik iemand die te weinig de dag plukt? Ik ben wie ik ben.
Die ene foto van hem in de gele kajak is ongelofelijk. De compositie is zo mooi. Ik stel ze in als bureaublad achtergrond op mijn PC.
Op mijn laptop wil ik ze niet want het onderwerp van de foto is net iets te… onprofessioneel.
'Bedankt. Had je niet moeten doen.' schrijf ik. 'Je bent mooi.' Hij ontvangt van mij wat ik bij elkaar gesprokkeld heb.
Kort op de bal stuurt hij me het volgende:
'Aan welke voorwaarden moet een jongen voldoen, opdat je hem mooi vindt?'
'Het oog wil ook wat. De vlag moet de lading dekken. Als er geen fysieke aantrekking is, mis ik iets. Maar daar moet je door kunnen kijken. Er bestaat zoiets als uitstraling en vanaf dan wordt het ingewikkeld.' luidt mijn reactie.
Onze gewone correspondentie loopt door. Het wordt stilaan winter. Kerstmis nadert. Lukas wil een keer Skypen. Dat hebben we nog nooit gedaan, raar maar waar. 
'...want ik ben zo eenzaam.' schrijft hij nu. Lukas verschijnt stralend in beeld.  'Goede beeldkwaliteit,' stelt hij vast.
Al voer ik beroepsmatig vaak videocalls, ik ben een beetje nerveus. We wisselen onbenulligheden uit, eerst wat acclimatiseren.
'Ben je werkelijk eenzaam? Je ziet er best vrolijk uit.'
'Niet echt maar er is weinig te beleven in de winter.'
'Hier is het ook winter.'  
'Jawel maar het blijft bij ons zo lang donker. Het is werken, naar huis gaan en er is nooit iemand thuis.
Ik heb een paar belangrijke mededelingen. Ik krijg een voltijdse job. Mijn rookstop programma loopt gewoon door. Ik neem er eerstelijnsopvang van psychische problemen bij. Ik zal een intakegesprek voeren en eventueel doorverwijzen. Ik heb in de euforie een auto gekocht. Hij is eigenlijk heel welkom.'  
Ik voel me op mijn gemak. Dat we nog niet eerder geskyped hebben. Het doet me deugd hem 'live' in beeld te zien.
'Wat doe je met Kerstmis ?'
'Naar mijn ouders. Jij?
'Hetzelfde. Het zouden anders troosteloze dagen worden. Het is hier zo lang donker in deze periode dat veel meer mensen depressief worden.'
'Kijk niet zo ernstig. Het betekent meer werk voor jou..'
'Geef mij de zomer. Ik ben jaar na jaar opgelucht wanneer er terug blaadjes aan de bomen groeien. Hier om wilde ik je op Skype.
Zou je het zien zitten om je vakantie volgend jaar bij mij door te brengen? Ik stel voor in juni, wanneer de dagen lang zijn. We mogen het vakantiehuisje van de baas gebruiken. Dat is al half besproken. In juli zit hij er zelf met familie. Denk er gerust over na. We hebben tijd.'
'Moet ik erover nadenken? Ik moet enkel verlof goedgekeurd krijgen. De maand juni is in principe gemakkelijk om verlof te nemen.'
'Je maakt me blij. Nog een dik half jaar wachten. Ik besef dat het lang zal duren voor ik je zie is maar je tijdens de Kerstdagen uitnodigen is onmogelijk. In elk geval  heb ik nu iets om naar uit te kijken.'
De vage hoop om mijn 'fata morgana'  te ontmoeten is opeens concreet geworden. Ik leg mijn verlof vast op het werk: drie weken in juni waarvan ik er twee bij Lukas zal doorbrengen. De plannen brengen Lukas subjectief een stuk dichter bij. Het stukje van mijn leven dat hij in beslag neemt, is op slag groter geworden. Het grote aftellen kan beginnen.
Met Kerstmis vertel ik mijn ouders voor het eerst over Lukas.
Ze reageren koel.'Wat ga je in het buitenland zoeken?' vindt mijn vader. 'Gewoon op vakantie gaan, in orde. Je gaat je hoofd op hol laten brengen. Je leven moet je hier maken.'
Ik mag dan een nuchter iemand zijn, hun wijsvingertje stoort me. Ik maak mijn eigen leven. Ze hoeven me niet aan te sturen.
Lukas en ik houden zowat wekelijks contact, steeds meer via Skype. Hij is even vrij als ik. Zo lang wachten maakt de kans groter dat hij iemand anders toelaat in zijn leven. Wat kan ik wantrouwig zijn.
Wanneer ik vliegtickets gekocht heb, weet ik dat de kogel door de kerk is. Het is lente en Lukas heeft zich stevig genesteld in mijn hoofd. Het lijkt alsof ik hem goed ken.'Voeten op de grond houden.' houd ik mezelf voor. Het internet kan bedriegen. We hebben slechts een virtuele relatie. De echte Lukas zal ik binnenkort ontmoeten. Ik moet voorbereid zijn op een mogelijke teleurstelling.
Stel dat hij niet aan mijn verwachtingen voldoet, dan is het een gewone vakantie. Dat zou het gemakkelijkst zijn, dan ga ik op het einde gewoon naar huis. Stel dat we verder willen met ons verhaal. Wat haal ik me dan op de hals? Ergens begrijp ik mijn vader.
Het zal nooit goed zijn. Laat me niet te veel piekeren. Komt wat komt.
'Ik heb je iets vervelends te melden.' Die boodschap van Lukas lees ik een maand voor mijn vertrek.
'Het vakantiehuisje kunnen we nog steeds hebben. De baas wordt 40 en hij geeft een feestje voor de collega's. Dat gaat door in het huisje de dag na jouw aankomst. Niet gaan is geen optie voor mij. Hij dringt daarom aan dat je mee komt. We zouden na de eerste nacht bij mij thuis naar het feestje vertrekken. Als de bende daar vertrokken is, kunnen wij blijven. Ik zit er verveeld mee. Zie jij dit zitten? Zo niet, dan excuseer ik me.'
'Voor mij geen probleem. Ik schik me. Ik geraak wel met iemand aan de praat zolang ze me niet dwingen Zweeds of Fins te spreken.'
Ik heb de weken afgeteld. De onrust heeft de kop gestoken bij het opstijgen in Zaventem. Een jaar geleden zag ik Lukas voor het eerst. Eindelijk ben ik onderweg naar hem. Hoe echt is het Internet? Ik kan hem niet kennen. Misschien zijn mijn verwachtingen zwaar overroepen. Dan wordt dit een teleurstellende buitenlandse vakantie. Mijn handen worden klam voor we landen zonder vliegangst te hebben. Twijfels en verwachtingen lopen door elkaar. Lukas zal me ophalen. Zal hij wel komen opdagen? Wat een gekke gedachten spelen door mijn hoofd.
In de kleine luchthaven heb ik mijn valies zo te pakken. Snel plas ik en haast me naar de uitgang. Ik hoef niet te zoeken. Het wordt een beleefde omhelzing. Over de manier van begroeten, heb ik niet nagedacht.
‘Blij dat je hier bent. Laat me je bekijken. Je bent gegroeid.'
'Je bent gek. Wanneer heb ik een terugvlucht?' Ik kijk plagerig naar het paneel met de vluchten.
'Compleet geschift ben ik. Ben je er niet op voorbereid?'
Lukas ziet er verheugd uit, uitgelaten. Dat doet me deugd. Er bestaat geen betere ijsbreker. 

Gesloten